[1905-1956]

Erich Itor Kahn

De Duitse componist/pianist Erich Itor Kahn (23 July 1905 - 5 Maart 1956), zoon van een kantor, studeerde vanaf 1920 piano en compositie bij Paul Franzen en Bernhard Sekles aan het ‘Hoch Konservatorium’ in Frankfurt.
Na zijn studie, die hij met de hoogste onderscheiding voltooide (1927), werd hij spoedig benoemd tot assistent van dirigent Hans Rosbaud, leider van de afdeling ‘Hedendaagse muziek’ van het pas opgerichte Radio Frankfurt. Door het vooruitstrevende beleid van deze en andere locale instellingen, kwam Kahn in contact met vele toonaangevende componisten en interpreten, onder wie Arnold Schönberg. Met collega-componisten Hindemith, Seiber en Schmid raakte hij voor het leven bevriend.

Kort na Hitlers machtsovername (30 januari 1933), werd Kahn ontslagen. Met zijn vrouw, de pianiste Frida Rabinowitz, die na de revolutie van 1917 uit Rusland was gevlucht, emigreerde hij naar Parijs, waar zij het hoofd boven water trachtten te houden met het geven van pianolessen.
Ondertussen componeerde Kahn zonder ophouden in een zeer aan Schönbergs 12-toonssysteem verwante stijl. Het echtpaar Kahn voelde zich lotsverbonden met andere emigranten, waaronder Alfred Döblin, Walter Benjamin, Rudolf Kolisch en Paul Dessau, en als enige kenner in het Parijs van die dagen van het gedachtengoed van Schönberg, vond hij in René Leibowitz een leergierige leerling, die op zijn beurt zijn kennis later aan Pierre Boulez zou doorgeven. Incidenteel begeleidde Kahn zangers en instrumentalisten, waaronder Pablo Casals.
Nadat op 3 september 1939 Duitsland de oorlog had verklaard aan Frankrijk, wachtten Kahn verschillende interneringskampen, aanvankelijk alleen, later samen met zijn vrouw.
Vier dagen voordat de nazi’s grootschalige razzia’s uitvoerden om joden naar Auschwitz te transporteren, lukte het Kahn met een Frans vrachtschip Frankrijk te verlaten. Na een tocht van bijna drie maandan (met een oponthoud en internering in Casablanca van zes weken), landden Kahn en zijn vrouw op 5 augustus 1941 in New York.

Wederom was Kahn genoodzaakt een nieuwe taal te leren en zich in te werken in een volledig andere muziekwereld. Evenals in Parijs betekende lesgeven de basis van hun bestaan, maar Kahn kreeg ook werk als pianist en vooral begeleider (van o.a. violist Francescatti en cellist Emmanuel Feuermann), Ook hielp hij Benny Goodman bij het instuderen van klassieke werken.
In 1944 vormde hij het Albeneri-trio met zijn oude studiegenoot Alexander Schneider (viool) en cellist Benar Heifetz.
Ondanks incidentele uitvoeringen van zijn werken door grote dirigenten als Jascha Horenstein, Rosbaud en Leibowitz, is Kahns muziek volledig onbekend gebleven.

De Ebony Band voerde in de loop der jaren verschillende van zijn composities uit.
Kahns muzikale nalatenschap wordt beheerd door de 'New York Public Library'